
Resultaat van zoektocht op Delpher met alternatieve spelling, Sil/Syl introduceert de Toyah-look in 1962!
Heen, terug, opzij in de tijd met Sylvia

Resultaat van zoektocht op Delpher met alternatieve spelling, Sil/Syl introduceert de Toyah-look in 1962!

“Dat liedje heeft me jaren achtervolgd. Ik wilde ’t niet meer doen, maar ik moest ’t steeds weer doen. Maar nu is het uitgepoept. Ze vragen er nog wel naar, maar dan doe ik alsof ik ’t niet meer ken.”
Sylvia werd in Silezie geboren en kwam na veel omzwervingen als 15-jarige in het pas bevrijde Nederland terecht. Ze kende Pools, Duits, Tsjechisch en een beetje Russisch, maar geen Nederlands. Na 15 jaar had ze zichzelf accentloos Nederlands geleerd, om bij haar eerste plaatopname het volgende intro in te moeten spreken: “Dames ien heerden, thans zieng iek voor oe… Sto Mpazari!”

Het van oorsprong Griekse dierengeluidenkinderliedje (eigenlijk To Kokoraki genaamd) was door Jaap van de Merwe aangetroffen op een plaat van het Engelse duo Flanders & Swann; Sylvia zou het in de Van de Merwe-show En ik… zei de gek opvoeren, later weer bij Lurelei, en nog later bij haar blauwe maandag Wim Kan (mopperkont Kan, die weinig leuks over haar te zeggen heeft in z’n dagboeken, noteert ergens morrend “Grieks liedje groot succes.”) Het zou een albatros om haar nek worden (al zit er geen albatros in het liedje… geloof ik) en ze wilde er later niks meer van weten.
De Flanders & Swann-versie is erg snel en frantic op een typisch Engelse manier; Sylvia doet het langzamer aan, wat het juist extra grappig maakt; als de dochter van een Griekse restaurantuitbater die tussen de schuif… eh, klapdeuren een liedje ten gehore mag brengen. Haar vocale acrobatiek doet hier een beetje denken aan de geniale Engelse comedienne/stemvirtuoos Jane Horrocks.