Blonde on blonde

Alweer een mooie petfoto!

Het was erg verwarrend om de roodharige Ronnie Bierman Blonde Greet te laten spelen, bleek in 1971 bij de eerste berichten die verschenen over het in de maak zijnde Wat Zien Ik? De Telegraaf had de primeur maar noemde de verkeerde actrice; blonde Sylvia speelde Nel/ “haar van boven”. Ook Simon van Collem haalde de ene Blonde en de andere blonde door elkaar in zijn (op snode wijze door DeLeurean verkregen en hieronder voor uw kijkplezier geplaatste) Avroskoop-reportage op de filmset, waarbij hij getuige was van een van de heftiger scenes. Grappig om te zien hoe houtje-touwtje ze te werk gingen (des te knapper het mooie camerawerk van Jan de Bont). Ook interessant: in het interviewtje met Van Collem blijft Ronnie Bierman een rol spelen; Sylvia komt voor zijn microfoon juist heel anders over dan wanneer ze acteert, haar oogopslag is anders en ze praat serieus en bedachtzaam. En kauwt kauwgum (ze was fanatiek kauwster want goed voor de articulatie). En dat van dat “suikergoed en marsepein”…? Ze zat in gedachten misschien nog bij de Witte Piet...

Sylvia en Ronnie kon het worst wezen wie wie was in de film, ze waren al blij dat ze er samen in speelden. Ronnie: “Wat ik zo vreselijk geweldig vind, is dat Sylvia de Leur Haar van Boven is geworden. We kennen elkaar al van jaren geleden uit het tv-programma Music Hall. Het zat meteen goed tussen ons en we zijn gezworen kameraden geworden. We zien elkaar vaak, woonden vroeger dicht bij elkaar en nu weer, nu we allebei een nieuw huis hebben. We schilderen wat af samen. Twee mooie gilmeiden hoor. Als we telefoneren duurt het een uur, daar krijg je dan zo’n rood, heet oor van. We hebben samen ook eens een niet-eensgezinde Siamese tweeling gedaan, samen in een jurk en iedere helft wou wat anders. We hebben ons gek gelachen.” (Parool, 1971)

5 minutes of fame

Hoewel Sylvia niet langer dan zo’n vijf minuten in De Inbreker voorkomt, kreeg ze op de posters top billing naast hoofdrolspelers Rijk en Willeke. Het was dan ook net na haar grote filmdoorbraak in Wat Zien Ik? “Mijn functie in de film is eigenlijk ondefinieerbaar. Ik had het idee dat ik er niet in hoefde te zijn. Ik speel een soort Fellinihoer. Ik moet een beetje door de film heensuizen, misschien voor de vrolijke noot,” deed ze haar rolletje af. Maar ondanks dat ze er “niet in hoefde te zijn”, zijn haar twee à drie scenes nog het meest iconisch aan de film gebleken. De buitenaardse suikerspin op haar hoofd, de droogkap, de jaren ’70-draaistoel en last but not least haar gezicht… Daarom hier wat plaatjes, die zeggen meer dan…

Hier dan: Bierman!

Er zijn vele varianten op de Wat Zien Ik?-filmposter, maar deze is m’n favoriet.

“…En als u oplet ziet u hier dan, een heel nieuw gezicht en dat hoort bij Ronnie Bierman!” Met dit kreupelrijm introduceerden Rijk en Sylvia de toen 24-jarige Ronnie in Avro Music Hall. Ronnie was net als Sylvia zijdelings het theater binnengedrongen; was Sylvia in de make-up begonnen, Ronnie maakte poppen in de animatiestudio van Joop Geesink. Geesink staat nu vooral bekend om z’n ietwat lullige Loeki-filmpjes, maar hij leerde het vak van de geniale Hongaarse animator George Pal, de uitvinder van de “replacement puppet”-animatie waarbij voor 1 shot tot tientallen verschillende hoofden gemaakt moesten worden. Werk zat dus voor Ronnie.

George Pal-animatiepoppenhoofden

Fast forward naar 1970 en we zien, of beter gezegd horen Ronnie en Sylvia weer samen, in een heel ander soort poppenfilm: de Fabeltjeskrant-bioscoopfilm De Onkruidzaaiers. Twintig jaar vóór ZaZa Zebra en Isadora Paradijsvogel de TV-Fabeltjeskrant binnenliepen kaartte deze film al de allochtonenkwestie aan. Soort van. Het verhaal is een beetje rommelig maar het komt er op neer dat een torrenkolonie het dierenbos inpikt als Juffrouw Ooievaar en consorten op kamp zijn. Door een misverstand met een exploderende stoommachine komt er ruzie, die aan het eind bijgelegd wordt. Het is niet echt duidelijk wat de moraal is en wat de torren voor moeten stellen; hun koppen lijken wat op Duitse helmen maar ze hebben ook iets van zigeuners, vooral de danseres Termita wier door Ronnie ingezongen liedje (zie onder, op 19:53) eigenlijk het hoogtepunt van de film is. (Sylvia’s Oma Tor-stemmetje is een soort voorloper van de oma uit De Familie Knots.)

Het jaar daarop zou Wat Zien Ik? de grote doorbraak betekenen voor Ronnie en Sylvia, maar terwijl Sylvia een soort professionele BN’er werd hield Ronnie zich ver van publiciteit en bekendheid. Zoals zoveel goeie vrienden van Sylvia stierf ze veel te jong, in 1984 op 45-jarige leeftijd. Hier nog even Ronnie in Music Hall in 1963, jong, mooi en sassy:

778

Het befaamde Wat Zien Ik-huis is niet moeilijk te vinden; er zijn niet veel nummers 778 in Amsterdam, en bovendien is de uit duizenden herkenbare Amstelkerk in een aantal shots aan de overkant te zien. Prinsengracht dus (niet bepaald de hoerenbuurt).

Prinsengracht 778 anno nu. Zonder enig historisch besef hebben ze de oude voordeur vervangen door een raam, de cultuurbarbaren! De ramen zijn ook anders maar dit is toch echt Het Pand; zie het huisnummerplaatje dat nog hetzelfde is.

Een curieuze in-joke vormt het opschrift “HET WERELDTIJDSCHRIFT”, verwijzend naar Elsschot’s Lijmen/Het Been. Had Paul Verhoeven iets met dat verhaal? Of verwijst het naar de lege facade die het Wereldtijdschrift was? Voor zover ik weet heeft hij nooit plannen gehad om Lijmen/Het Been te verfilmen; dat zou Robbe de Hert pas in 2000 doen met die andere Sylvia – Kristel – in de hoofdrol.

Nog eentje dan, gewoon omdat het leuk is.

Vies!

Bijna 10 jaar vóór Wat Zien Ik? was Sylvia al samen met Ronnie Bierman te zien in het AVRO-programma Music Hall. Sketches werden afgewisseld met de amusementsmuziek van die tijd; dat in 1963 de echte sixties nog moesten beginnen bleek uit de verschrikte reakties op een optreden van de band van (ex-Shadow) Jet Harris, die door het AVRO-publiek maar vies en vuig werd bevonden. Amusement en rock & roll lagen nog mijlenver van elkaar. Maar één van de mede-medewerkers aan Music Hall, Aart Brouwer (ook in bovenstaand filmpje te zien), deed in 1963 een profetische poging de twee werelden samen te brengen. Zijn single Hé Pssst… gekoppeld aan Vies!, loopt zowel op de melige provo-beat van Het (Kejje Nagaan) als op de absurdistische Wim T. Schippersliedjes van de jaren ’70 vooruit. Vuige rock & roll met als begeleidingsband Johnny & the Cellar Rockers, featuring een piepjonge Jan Akkerman (ja, die van de latere hit Sylvia).

Haar van boven

Tja, wat te zeggen over Wat Zien Ik? De film die Sylvia in 1 klap van tv/theaterartiest tot filmster bombardeerde, kortstondig zoals later bleek. Het is geen goeie film, hij laveert tussen slapstick en serieus, de dialogen zijn krukkig maar dankzij het goeie camerawerk van Jan de Bont, de Amsterdamse scenery en enkele hele goeie acteurs/trices die er het beste van proberen te maken is hij toch zeer het bekijken waard. Enkele scenes zijn zelfs iconisch te noemen: de billenkoek uitdelende schooljuffen, de kippenveren-scene etc. Mijn favoriete scene is die waarin Sylvia de tafel dekt voor d’r “vlekkenman”, en even twijfelt hoe ze het bestek neer moet leggen. (Volgens mij een door haarzelf ingebracht grapje, het doet me iig denken aan een Lureleiliedje waarbij ze aan de verkeerde kant naar haar hart grijpt.)

File under “hilarisch slecht geposeerde filmstills”

Sylvia speelt de tegenhanger van de harde, zakelijke Blonde Greet (de roodharige (!) Ronnie Bierman), “haar van boven”, die eigenlijk te soft is voor het hoerenvak. Dat zij nog het meest geloofwaardige aan de hele film is komt misschien doordat ze in het echt ook te soft/ te lief en te weinig ambitieus was voor het artiestenvak; haar filmcarriere eindigde even plots als ze begon, met nog een herhalingsoefeningetje als “Fellini-hoer” (zoals ze het zelf noemde) in De Inbreker en daarna een hele tijd niks.