Punkie in Woestewolf

1 van de prachtige decors van Carl Hollander

Ik heb helemaal niks met hedendaagse enge films. Volgens mij komt dat door de special effects, die zijn te goed. Je ziet een eng monster en denkt: zo, dat hebben ze knap gedaan. Maar bijv zo’n ouwe schokkerig gestopmotionde zwartwit-King Kong uit 1936, díe vind ik angstaanjagend! Ik noem het de Wet van de Knullige Engheid. Je had het in Dr. Who, Quatermass en natuurlijk in de klassieke jaren ’20-griezelfilms: des te amateuristischer de special effects, des te enger. Ik heb er geen verklaring voor, behalve misschien dat goeie horror én slechte special effects beide een spelletje spelen met je bevattingsvermogen… of zoiets. De tv-serie De Vloek van Woestewolf bezorgde menig kind slapeloze nachten in 1974, en het enige wat ze gebruikten was een bluescreen. Je ziet een paar in de lucht zwevende wolvenklauwen, ongelooflijk knullig gedaan, en toch angstaanjagend. Wilfred Takken schreef ooit een mooi stuk over het effect dat de serie had op zijn kinderziel: https://www.nrc.nl/nieuws/2012/07/02/twee-zielen-wonen-ach-in-de-borstvan-de-hertog-1124333-a128199

Woestewolf was geschreven door Paul Biegel en speelde zich in z’n geheel af in (prachtige) decors van de hand van Carl Hollander, waar de spelerssters dus in gebluescreend waren. Een omslachtig werkje (maar ook weer goedkoper dan bijv een echte gouden stad bouwen!) Sylvia speelde in aflevering 3 een gastrol als jonkvrouw Sylvia (!), maar mocht gelijk de rest van de serie blijven. Leuk om te zien dat ze, vaak gecast als oudere vrouw (ze was net 40), nu eens een jongere vrouw mocht spelen.

De serie is mooi om terug te zien (het intromuziekje van Rogier van Otterlo – zie en hoor boven – is ook prachtig en spannend), maar het dik aangezette theatrale spel van de meeste acteurs (vooral Henk Molenberg en Ton van Duinhoven) wordt op den duur een beetje vermoeiend (maar bingewatchen bestond in 1974 dan ook nog niet). Henk van Ulsen speelt ook over the top maar bij hem is het dan weer erg leuk. Sylvia moet de hele tijd vooral lief zijn, gelukkig mag ze ook een keer flink uit d’r slof schieten:

Eigenlijk acteert John Lanting (!) als struikrover Oenk (of Boenk?) hier nog het meest naturel van iedereen. Er is ook een mooie rol weggelegd voor een twaalfjarig jochie dat niet kan praten (iig niet tot het eind) en dus veel moet gebaren. Ik zette het beeld stil en dacht: er is iets met hem, met zijn blik, wat me bekend voorkomt… Wat gespeur leerde me dat deze jongen Igor Utrecht was, later beter bekend als Igor Mortis! Bekend gezicht in de oude Amsterdamse punkscene (ik kende ‘m niet persoonlijk maar moet z’n oude bandje Prediktor wel eens hebben gezien) en tegenwoordig uitstekend tattoo artist in Portland, USA. Hoe kwam hij in die serie terecht? Wat vond hij als grafisch artiest-in-de-dop van de tekeningen van Carl Hollander? Vragen, vragen, die we hem hebben gemaild en waar hij hopelijk ooit hier de antwoorden op geeft 🙂 Hier alvast Igor/Hannes in volle glorie (Henk van Ulsen/ Dr. Kroch is hier trouwens ook een soort proto-punk/goth zie ik nu):

Igor als Hannes
Igor paar jaar later (foto uit Paradisoboek van Max Natkiel)

Puur natuur

1975 was een persoonlijk rampjaar voor Sylvia maar gaf haar wel de eerste (en enige) serieuze filmrol die ze altijd wilde: Charlot, zus van Pallieter in de gelijknamige Vlaamse film. Ze moest alleen wel even Vlaams leren spreken, eitje voor Sylvia die tenslotte op haar zestiende pas Nederlands leerde. En haar rol als godvrezende vrouw anno 1910 eiste een volkomen makeup-loos gezicht, iets waar de media toen nogal een ding van maakten: Sylvia zoals u haar nog nooit eerder heeft gezien! Nou nou, ze speelde toch niet alléén maar hoeren, dacht ik, maar Sylvia-puur-natuur maakt inderdaad een aangrijpend verschil. Het is alsof haar van oudsher royaal aangebrachte makeuplaag als een soort masker diende (om maar es de psycholoog uit te hangen), en we haar hier opeens in het écht zien.

Hoofdpersoon Pallieter, flierefluiter en natuurmens, werd wel een hippie avant la lettre genoemd, ikzelf vind ‘m eerder een soort naar 1910 getransplanteerde verwende jaren ’70-rockster: knappe man met wapperende lange haren, voert geen flikker uit, wordt op zijn wenken bediend door zijn zus, zegt en doet wat hij wil, krijgt het meisje dat hij wil; een onuitstaanbaar type dus eigenlijk. Sylvia/Charlot is andere koek, juist haar tweestrijd tussen God en de levensstijl van haar broer geeft de film vleugels (is het toeval dat de vliegmasjien in de film SYL heet?). Ondanks haar ellende en verdriet in die tijd moet ze blij zijn geweest dat ze eindelijk eens in een goeie film mocht spelen. Het acteerwerk en de dialogen (van de hand van Hugo Claus) zijn super en de komische momenten (zoals met de blinde drie koningen die aan de deur komen) schrijnend-komisch ipv kolderiek zoals meestal in NL films. En makeuploze Sylvia is hier mooier dan ooit. (Mooi ipv knap; Jacqueline Rommerts die Pallieter’s vrouw speelt is knap, maar ook van bordkarton.)

SYL!

Kaffetéériaas

Klein maar leuk is de bijdrage die Sylvia mocht leveren aan de filmbewerking van De Avonden (1989), als Tante Stien. Niet een tante van hoofdpersoon Frits van Egters zelf, maar van Jaap en Joosje bij wie Frits op verjaardagsvisite gaat. Een prachtige enge strenge tante, die eerder uit de gereformeerde bible belt lijkt te komen dan uit de vriendenkring van linkse rakkers waar de familie (Van Het) Reve (en dus Van Egters) zich mee inliet. Ze hebben haar een paar mooie Reve-zinnen toegeschoven, zoals de opmerking dat kanker in Amerika wordt veroorzaakt door de “kaffetéériaas” (in het boek door Frits zelf opgemerkt), en zelfs uit een heel ander Reve-boek (Op Weg Naar Het Einde) de klassieker “Veel groente en weinig aardappelen, dat eet voor een man niet zo lekker”.