Rijk de Televisiegooyer

Omdat de onvolprezen radioshow van Vic van de Reijt en Frits Jonker komend weekend in het teken van Rijk de Gooyer zal staan, hier vandaag een Rijk-post. Sylvia en Rijk, ze hebben heel veel samen gedaan, te veel om op te noemen, een snelle greep: Avro Music Hall, Nationaal Allerlei, De Inbreker, Een van de Acht… (Gek genoeg had Syl maar 1x een klein rolletje in de legendarische Johnny en Rijk-TV-show, alleen een foto van bewaard gebleven:)

Johnny, Sylly, ? en Reiki, 1965

De meest legendarische Sylvia en Rijk-scène is natuurlijk die in de film De Mantel Der Liefde, het op de Tien Geboden gebaseerde, door regisseur Adriaan Ditvoorst zelf gefinancierde filmmozaïek uit 1978. De scene komt regelmatig langs op internet/youtube; een Engelse punkband heeft ‘m zelfs verwerkt in een videoclip. Syl en Rijk spelen een kijvend stel in een deprimerend flatje; ze deden dat al eens eerder, in 1963 in Avro Music Hall, alleen was Rijk toen een amateurgoochelaar die zijn vrouw liet zweven…

Vijftien jaar later in De Mantel Der Liefde laat Rijk iets anders zweven, nl. een televisietoestel, het raam uit…

De buurvrouw, gespeeld door Yanaika Lempers, snelt te hulp en maakt doorgedraaide werkloze Cor met een goedgemikte bijlslag onschadelijk.

Yanaika Lempers stond bekend als “Nederlands dikste fotomodel” en runde ook haar eigen modellenbureau. Ze overleed jong in 1982 na een val van de trap.

Met regisseur Adriaan Ditvoorst liep het ook slecht af; na jaren van commerciële flops ging het bergafwaarts met hem, hij raakte aan de drank en hing rond in de A’damse drugsscene (en naar verluidt ook in de punkscene – toevallig net als oud-studievrienden René Daalder en Frans Bromet), om in 1987 zelfmoord te plegen.

Zoals Rijk de Gooyer in zijn boek Gereformeerd en Andere Verhalen opdiept, was het nog niet makkelijk een geschikte flat te vinden: “Via een verhuurbureau kwamen we aan een tragisch gemeubileerd flatje in Amsterdam-West. Precies wat we zochten! De prijs was ongeveer het dubbele van een suite in het Amstel Hotel maar voor drie dagen lag ’t bedrag nu eenmaal hoger dan normaal. De opnamen verliepen voorspoedig. Het tv-toestel ging prachtig door ’t raam, m’n schedel werd vakkundig gespleten en de flat lag al aardig onder ’t bloed. De opname in de keuken zou op de laatste dag plaatsvinden. Er waren botten en darmen op ’t abbatoir gehaald, een gedeelte zat in de pan te pruttelen en m’n afgehakte en doorkliefde hoofd stond keurig op ’t aanrecht. Ook de dames en de muren van de keuken zagen er flink bespat uit. Op dat moment verscheen er een wildvreemde man op de set. Het bleek de eigenaar van de flat te zijn. Hij wist van niets. Wel had het verhuurbureau hem gevraagd of hij bereid was gratis zijn flat te willen afstaan voor de opnamen van een filmpje ten bate van gehandicapte kinderen.”

De LuSyl Show

Van de fotosessie die Sylvia met Lurelei maakte voor hun eerste, september 1963 uitgekomen (mini-)elpee O. K. & W. zwerven verschillende foto’s rond; je kan zien dat ze allemaal op dezelfde dag genomen zijn omdat Sylvia een aparte (en leuke) look heeft, een soort Lucille Ball-look, met kort haar (dat wel rood lijkt, iig donkerder dan haar standaard peroxideblond) en broekpak. In interviews in de jaren ’60 heeft Syl het regelmatig over Lucille, en dat ze zo graag zelf een tv-show à la Lucy zou willen hebben (zoals we weten is het daar nooit van gekomen); Lucy moet dus een inspiratiebron zijn geweest.

Met deze eenmalige parodie op een Amerikaanse sitcom (met Aart Brouwer in Avro Music Hall in 1962) zou Sylvia nog het dichtst in de buurt van haar eigen Lucy-show komen. Maar hier nog geen Lucy-look…

De kranten er op naslaand zien we dat de Nederlandse TV pas maart 1963 met het uitzenden van de Lucy-show begon, om precies te zijn het Lucy-Desi Comedy Hour, en dat met de duizelingwekkende frekwentie van éénmaal per 4 weken!

Het Lucy-Desi Comedy Hour had, zoals de naam al zegt, de dubbele lengte van een normale sitcom; de NL gidsen kondigden elke aflevering zonder blikken of blozen aan als “Lucille Ball-film”. Was Sylvia door deze uitzendingen geinspireerd tot haar Lucy-look? In de Lurelei-zomerstop had ze deze shows kunnen zien:

Lucy’s Summer Holiday

“Vakantie aan Viswater”, door de NCRV op 13 juli uitgezonden; dit moet de episode Lucy’s Summer Holiday zijn geweest, memorabel wegens gastrol van legendarische cultactrice en -regisseuse Ida Lupino (The Hitch-hiker e.a.).

Lucy Makes Room For Danny

Vier weken later: een aflevering “waarin Lucy & Desi hun huisje verhuren”, wsch de episode Lucy Makes Room For Danny, met als huurder Danny Thomas, toen beroemd uit de serie Make Room For Daddy. De Lucille van beide afleveringen lijkt frappant veel op de Sylvia van de hoesfotoshoot; ze draagt broeken en heeft ongeveer dezelfde makeup.

Nog een LuSyl: hoes van Cabaret Van Nu-LP uit 1965 maar duidelijk van de O. K. & W.-shoot

En als Sylvia die zomer niet in de buurt van een TV was geweest had ze waarschijnlijk wel foto’s langs zien komen van de in de maak zijnde nieuwe (echte) Lucy/ Bob Hope-film Critic’s Choice. In deze film lijkt Lucille helemáál op Syl. Of andersom eigenlijk.

Najaar ’63, aan het begin van het nieuwe Lureleiprogramma, was de Lucylook alweer verdwenen.

Reclame in de soep

Op 2 januari 1967 werden de eerste Ster-TV-reclames uitgezonden. Het waren over het algemeen tamelijk knullige filmpjes met anonieme acteurs en -trices, bekende namen lieten zich er nog niet mee in. Een uitzondering was Ramses Shaffy die al in het allereerste reclameblok stond te smullen van een Kwatta-reep. Ook komen we in een prachtige Philips-commercial een piepjonge Corrie van Gorp tegen; ze was een briljant balletdanseres (zie filmpje hierboven), maar wegens te klein moest ze een carrièreswitch maken en leerde Nederland haar kennen als gek vrouwtje, een carrièreverloop ongeveer vergelijkbaar met dat van Sylvia de Leur. Sylvia speelde ook in een van die eerste Sterspots, maar daar hebben we zelfs na lang speuren niets van terug kunnen vinden. We weten alleen dat de catchphrase “zacht water!” was; Frans Halsema beklaagde zich er in een interview nl. over dat Sylvia bekender stond om de kreet “zacht water!” dan om haar prestaties op het toneel. Van het filmpje heeft Sylvia meer last dan profijt gehad, aanbiedingen voor TV-werk liepen terug want, zoals ze te horen kreeg, “je bént toch al op TV?”. Haar volgende reclame-“uitdaging” speelde zich dan ook op papier af in plaats van op het scherm.

Hoewel het rond 1970 al normaler werd om ze in de reclame langs te zien komen, stonden veel bekende artiesten er nog altijd bibberig tegenover. In de linkse aksiegeest van de tijd was reclame hartstikke fout, vol met leugens, indoctrinatie, rolbevestiging etc. Acteur Hugo Metsers richtte zelfs het comité Ster-Sterren op, met als doel acteurs “bewust te maken van het produkt dat ze aanprijzen”. Niet gek dus dat soepfabrikant Knorr besloot een eerlijke, “correcte” reclame te maken (en daar ook mee te pronk te lopen). Er werden BN’ers geronseld om – als zichzelf, niet als typetje – onder toezicht van een notaris drie soorten bouillon te proeven. Dat Adèle Bloemendaal, Conny Stuart en Sylvia de Leur allen voor Knorr kozen was dus 100% waar en eerlijk, waarvan akte in alle kranten.

Wat de advertenties níet vertelden is dat Mies Bouwman bij het proeven de verkeerde soep aanwees, die van concurrent California! Begrijpelijkerwijs ging haar bijdrage aan de Knorrreclame niet door en liep ze een flink bedrag mis (“het was de duurste ochtend van mijn leven”, aldus Mies). Eerlijk was eerlijk. California stuurde prompt handenwrijvend een persbericht rond: “Mies vindt onze soep de lekkerste!” Gratis reclame! Waarop Mies zich haastte te verklaren dat ze ze eigenlijk allemáál maar niks vond en toen maar de minst vieze had aangewezen.

Bekentenis

…Maar wel een analfabeet die voor haar achttiende vijf talen sprak, en dokters en professoren in haar vriendenkring had. Deze “pijnlijke bekentenis” kwam regelmatig langs in de bladen; nadere lezing leert ons dat het wel meeviel, het geschreven Nederlands van Sylvia was een beetje zoals dat van de gemiddelde expat op facebook. Waarom noemde ze zichzelf dan analfabeet? Misschien omdat ze nauwelijks een school van binnen zag in haar Poolse/Tsjechische jeugd; maar dat ze alles zichzelf aan heeft moeten leren maakt haar juist des te knapper. Daarom noemde hubby Aart haar in een paar oude interviews liefkozend “de begaafdste analfabeet”; zij nam de uitspraak over – alleen zonder “begaafdste”.

Anticonceptiefilm

Hoewel al verkrijgbaar in 1962 werd de anti-conceptiepil pas begin jaren ’70 algemeen geaccepteerd (vandaar de bekende uitspraak dat de jaren ’70 de jaren ’60 van het gewone volk waren). De kerk sputterde natuurlijk tegen en volgens dokters, andere zelfbenoemde deskundigen en anonieme bakerpraatjes veroorzaakte de Pil een scala aan enge aandoeningen en klachten. De filmcarrière van Sylvia de Leur hield gelijke tred met die van de pil; hoewel ze in ’62 al d’r eerste rolletje kreeg (in Rififi In Amsterdam), zou ze tien jaar later pas echt doorbreken op het witte doek. Daar tussenin maakte ze welgeteld één film: Eigentijds (1969). Dat je de film niet kent is niet gek, hij is nl. nergens te zien, verdwenen, weg. Maar het was dan ook een tussendoortje voor regisseur Erik Terpstra (die later met Sylvia de film Daniël zou maken); een korte film in opdracht van Organon over… de Pil. Op deels serieuze, deels komische wijze (Alexander Pola komt op de cruciale momenten als duiveltje uit een doosje tevoorschijn om uitleg te geven) worden voors, tegens en bakerpraatjes omtrent de pil behandeld.

Sylvia zorgt ook voor een vrolijke noot; ze speelt de (wait for it) mollige vriendin van de hoofdpersoon, die zichzelf volproppend met ijs en slagroom haar vriendin waarschuwt dat je door pilgebruik aankomt. Een staaltje typecasting dat we vaker hebben gezien, maar Syl’s aankomen en afvallen was in het voorgaande jaar dan ook een hot item geweest. Zomer 1968 verscheen er in de Telegraaf zowaar een artikel waarin Sylvia samen met Gre Brouwenstijn (daar heb je haar weer) en Rita Corita (er waren blijkbaar geen mannen met gewichtsproblemen) opgevoerd wordt als tegen de kilo’s vechtend dikkerdje. Grappig genoeg met foto waarop ze eruit ziet om door een ringetje te halen.

Reality Czech

Vera Ferbasova & baard; Sylvia de Leur & baard

Hoewel Sylvia de Leur in de jaren ’50 bijna dagelijks in de Amsterdamse theaters te vinden was om te kijken naar coryfeeën als Lia Dorana en Conny Stuart, is haar stijl nauwelijks beïnvloed door haar NL voorlopers. Dit in tegenstelling tot generatiegenoten als Jenny Arean en Jasperina, waar de Conny Stuart-stijl er soms zo dik op ligt dat ik het moeilijk vind om naar te kijken en luisteren. Maar waar is Sylvia dan wel door beinvloed? Haar stemgeluid en mimiek hebben overduidelijk iets Oost-Europees, maar dat is erg vaag; kunnen we nog achterhalen wie precies als voorbeeld kan/kunnen hebben gediend? Hoewel erg aangrijpend, blinkt haar autobiografie niet uit in (kloppende) feiten; over haar Tsjechische tijd van 1945 tot 1949 vertelt ze o.a. dat ze optrad voor Chroesjtsjov. Maar is Chroesjtsjov ooit als militair in Tsjechië geweest? Ik dacht dat hij eerder een carrièrepoliticus was, een bureaucraat die als hij van Stalin een memo kreeg dat er 10000 mensen dood moesten, er voor de zekerheid 11000 van maakte. Maar misschien heb ik het mis. Anyhoo, Sylvia was natuurlijk nog maar een kind, en het waren chaotische tijden.

Sylvia als acrobate, 1947; anoniem meisje als acrobate in de film Prave Zaciname, 1947

Ook deed Sylvia verschillende keren gewag van soms twee, soms wel vier films waarin ze als acrobate zou hebben opgetreden. Maar welke regisseur maakt er in korte tijd vier films die allemaal over acrobaten gaan? Toch maar eens de Internet Movie Database gecheckt op alle Tsjechische films van 1946 tot 1950 met een circus- of varieté-thema (nee, ik heb echt een leven, hoor). De enige film die nog te achterhalen is (en zelfs op youtube staat) heet Prave Zaciname (1947), en ja, ergens halverwege duikt er zowaar een meisje op dat een paar acrobatische toeren uithaalt! Maar het is duidelijk niet onze Syl; deze is lang en mager.

Vera Ferbasova zonder baard

Tsjechoslowakije had een bloeiende filmindustrie, en er is op youtube een geweldig kanaal dat honderden oude speel- en animatiefilms online heeft gezet. Kijkend naar oude Tsjechische films valt je al snel de comedienne Vera Ferbasova op. Hoewel geboren in toenmalig Oostenrijk-Hongarije maakte ze een bliksemcarrière in Tsjechoslowakije in de jaren ’30 en ’40, en was al snel een van de grootste filmsterren daar. Ze was klein en blond en had een rond gezicht dat grappig en mooi tegelijk kon zijn… waar kennen we dat ook weer van? Voor mij staat het buiten kijf dat Sylvia goed naar Vera gekeken heeft; de ogen, de wenkbrauwen, er is zelfs een vrouw-met-de-baard scène die we ook van Sylvia kennen. Zouden ze ooit samen in een film hebben gespeeld? Volgens de IMDB zijn er tussen 1943 en 1958 geen films waar Ferbasova in speelde; nee dus. (Volgend raadsel: wat deed ze dan in die jaren??)

Vera Ferbasova & wenkbrauwen

Sopraan, mezzo, castrato

Na een hele tijd maar weer eens gegoogled op het onderwerp van dit blog, en zowaar twee nieuwe vondsten: een aflevering uit 1992 van het VPRO-radioprogramma De Ontmoeting dat hier online te beluisteren is, en een Albert Mol-plaat met Sylvia-sketch die tot nu toe onder de radar was gebleven. Heb De Ontmoeting niet helemaal afgeluisterd, hij duurt twee uur en de combi Sylvia de Leur – Rob Malasch was geen geslaagde. Wel interessant is dat, terwijl Sylvia vertelt een hekel aan haar eigen stem te hebben, Malasch zegt dat hij het juist een mooie stem vindt (wat wij hier ook al jaren – okee, 1 jaar – beweren). Sylvia had net stemschade opgelopen in een musical waarbij ze veel vocale capriolen ten gehore moest brengen; haar stem was daardoor een half oktaaf gedaald. Toevallig laat ze precies dit soort capriolen horen op de Albert Mol-plaat De Albert Mol Story (deel 2). Van het legendarische TV-programma Improvisaties (1969-1970) met Sylvia, Albert en vele anderen is niets overgebleven, maar deze geimproviseerde sketch, operazangeres op auditie, geeft een idee van hoe het moet zijn geweest.

N.B.: Terwijl Syl voor haar personage in deze sketch de naam Christina Grondverf verzint, opteert Mol voor Gre Deutekom, een samentrekking van de twee bekendste operazangeressen van dat moment. Zangeres Gre Brouwestijn was op dat moment getrouwd met Hans van Swol, de eerste NL tv-dokter. Syl maakte eerder een persiflage op hem in Avro Music Hall, toen nog niet wetende dat háár man Aart Gisolf later de tweede NL tv-dokter zou worden!

“Televivisectie”, 1963

De sketch met Albert Mol was een gastoptreden in een autobiografische toernee die Albert al vanaf 1973 ondernam, samen met pianist Tonny Schifferstein (die ooit een duo vormde met Sylvia’s oom Joop de Leur) en danser/acteur Marino Westra (die Sylvia’s zoon Marien inspireerde tot een naamsverandering). Ironisch genoeg moet Syl in de opera-sketch achtereenvolgens een sopraan, een mezzo en een castrato (!) laten horen, zo ongeveer het latere verloop van haar stembereik…

Uit de Jonge Doos

Terwijl aan de ene kant de sixties steeds verder wegglippen in het zwarte gat van het verleden, lijkt aan de andere kant het heden sixties-achtiger dan ooit. Steden staan in brand, rechts en links spelen cowboy en indiaantje en een onschuldig liedje uit 1964 krijgt op youtube als commentaar: “Anti-christelijke haatzaaierij, vermomd als cabaret. Wat een cultuurmarxisme!”

Een van de weinige kleurenfoto’s van Lurelei, zo te zien een camerarepetitie voor In Kerkelijk Verband (het op youtube bekritiseerde lied) want ze dragen nog hun dagelijkse kloffie. Lurelei trad in 1964 nog altijd strak in het pak op, de heren dan; voor de dames had couturière Liz Brems zogenaamde “basisjapons” ontworpen die in een paar seconden geheel in de Doe ’t Zelf-geest door Jasperien en Syl zelf aangepast en uitgebreid konden worden, geen overbodige luxe gezien de supersnelle wisselingen. (Kersvers Lureleier Leen Jongewaard verbaasde zich over de minimale aankleding: “Er waren geen decors en kostuums. Soms deden we ons jasje uit of de stropdas af, al naar gelang we een meneer moesten zijn of een jongen of weet ik wat. We konden zo het programma in een waanzinnig tempo doen.”)

Nog een kleurenfoto: met Liz Brems-outfits in weekblad Beatrijs, 1964

In Kerkelijk Verband was een satire op de krampachtige pogingen van de kerk om in te haken op de wensen van de jeugd, met beatmissen, Mahalia Jackson en “een massa platen met moderne jazzzz”. De tekst komt nu mild over (het choquerendst is nog de tekst van Eric Herfst: “Een oude doos, da’s niks voor mij; geef mij maar een jonge doos!”), maar het schopte toen behoorlijk hard tegen het zere been van de gelovigen. Er werden kamervragen gesteld en er werd een anti-Lurelei actiecomite opgericht dat verklaarde: “Het wordt hoog tijd dat aan dit soort programma’s een eind wordt gemaakt!” Een rel die in latere tijden onvoorstelbaar zou lijken. Tot nu dan.

Wat ons vooral opvalt aan het zwart-wit filmpje van het lied is het verschil in mimiek tussen Sylvia en de rest. Syl was duidelijk meer een clown dan een cabaretière; in haar bewegingen heeft ze bijna iets muppet-achtigs…

Puur natuur 2

Laatst in het kader van stayathome weer eens de dvd van Pallieter gekeken, waar we het al eens eerder over hadden. De hoofdpersoon begint langzaam sympathieker te worden, al blijft ‘ie een freeloadende hippie. En dat mooie Vlaams van Talenwonder Sylvia (enige NL speler die in de film niet door een Belg nagesynchroniseerd hoefde te worden) klinkt nog steeds als muziek in de oren. Ook leuk is het rolletje voor dochter Loesje (Sylvia deed de film op voorwaarde dat zij mee mocht doen):

Tijdens de tot dan toe vrij probleemloos verlopen filmopnamen viel er opeens een 800 kilo zware camera om, resulterend in ravage en gewonden. De Telegraaf – die regisseur Roland Verhavert voor de hoofdrolspeler hield – maakte er een beetje sensationeel verhaaltje van (maar het was wel waar allemaal):

December 1976 maakte Pallieter kans om in de prijzen te vallen op het Istanbul International Film Festival. Sylvia en medehoofdrolspeelster Jacqueline Rommerts vlogen erheen; de krant van wakker Nederland plaatste een mooi stukje maar was zelf weer niet helemaal wakker…

Sylvia Babushka

Sylvia de Leur, 1969, op de set van de tv-serie Rust Noch Duur, aflevering “De Lachkick”. Lachkick? Hoewel er een zweem van een glimlach op haar lippen staat maakt ze een serieuze, misschien zelfs iets droeve indruk. Haar ogen zijn hypnotiserend, maar niet op een “hee kijk, hier ben ik!”-manier zoals gewoonlijk bij actrices/comediennes. Ze heeft iets onpeilbaars, en tegelijk iets onnederlands. Ze is een mysterieuze Oost-Europese vrouw; maak haar open en er zit weer een andere vrouw in, enzovoort. Toen het gezin De Leur in 1949 een nieuwe start in Nederland maakte drukte vader De Leur Sylvia op het hart vooral d’r mond niet open te doen, letterlijk (vanwege d’r accent) en figuurlijk (vanwege wat ze in Polen en Tsjechië hadden meegemaakt). Onder de vrienden die ze hier maakte stond ze bekend als een vrolijke meid, maar één waar niemand hoogte van kon krijgen, waar niemand het fijne van wist. En dat maakte haar weer onweerstaanbaar voor sommige jongens, die wilden weten wat er achter de facade zat, die probeerden achter haar “geheim” te komen. Eigenlijk wat wij hier ook proberen.

Zelfde outfit op de set van Improvisaties, ook 1969…
…en nog een keer bij Nationaal Allerlei…
…best heet onder die lampen.